Auteursarchief: Henk Oelen

Bij de Faiaken (‘Odysseus’), 2003

‘Bij de Faiaken’, 2003

Het einde van de dwaaltocht van tien jaar na de strijd om Troje. Odysseus spoelt aan op het eiland van de Faiaken waar hij vorstelijk onthaald wordt en zijn verhaal over zijn tocht uitvoerig uit de doeken doet.  Hierna moet hij nog naar zijn eigen eiland om daar orde op zaken te stellen.

multiplex, krantenpapier / piepschuim, gips, blanke lak (kop)

doorsnede ongeveer 125 cm

z.t. 2016

z.t. 2016

piepschuim met cement, ijzerdraad en gelakt rondhout                        ongeveer 60 x 30 x 40 cm, part. collectie

De Bron, 2007

De Bron, 2007
± 360 x 360 x 100  cm, spijkerrol (dakbedekking), piepschuim, perspex

foto expositie in Kunstruimte Heerenveen, 2007

Strijd met de Kikoniers (‘Odysseus’), 2010

‘De strijd met de Kikoniërs’, 2010

De mannen denken het eiland van de Kikoniers even te kunnen veroveren. Helaas hebben ze geen verweer tegen de hulptroepen (met wagens) uit het achterland. Na een verschrikkelijke pijlenregen op het strand rest hun een  een smadelijke aftocht.

kartonnen kokers, lak, rondhout, multiplex, touw

ongeveer 200 x 100 x 200 cm

Dubbele Poort van Dromen, 1998

Henk Oelen, ‘Dubbele Poort van Dromen’, 1998

± 220 x 100 x 200, verzinkt ijzer / hout / zwart kunststofbuis

Deze poort staat in de Hades, door de ene poort komen de ‘ware’ dromen, die iets zeggen over de mens, de wereld. Door de andere poort komen alle andere dromen.

Foto overzichtsexpo OM(ME)ZIEN in T.A.S., Groningen, 2014

Steltlopers (2011)

‘Steltlopers’, 2011

rondhout, hout, triplex, lak, ijzerwaar, langste palen 500 cm

Manifestatie ‘New Home’, 2011, locatie Oldenzaal (organisatie Perron 1, Delden)

Ararat, 1995

Ararat, 1995

hout, lak,kunststof gofplaat, ongeveer 150 x 150 x 150 cm

foto expo ‘Drieklank’, in Niggendijker, Groningen 1996 (met Ruud Venekamp en Peggy Geway)

Aktaion, 1997

Aktaion’, 1997 ( particuliere collectie)
± 30 x 30 x 40, gaas / ijzer / hout / lakverf

Als de jager Aktaion per ongeluk de godin Artemis en haar nimfen ziet baden, wordt hij in een hert veranderd en door zijn eigen jachthonden verscheurd.
‘…Hij vlucht. Juist daar waar hij zo vaak gejaagd had in hun spoor, vlucht hij nu weg voor zijn eigen trouwe helpers…..Zij dringen om hem heen, een en al bek rukt aan dat lichaam dat van hun meester is….’

Arion, 2000

‘Arion’, 2000
± 80 x 80 x 180,

spaanplaat, hout, multiplex en lakverf

Arion, een meester op de lier, wordt op de terugreis van een muziekwedstrijd beroofd en, na een laatste lied, overboord gezet. Een school muziekminnende dolfijnen bracht hem weer aan land.

Kokon II, Groningen 1993

‘Kokon II’, 1993

manifestatie ‘Stadsparadijs’, Noorderplantsoen, Groningen 1993 (organisatie CBK Groningen)

± 90 x 600 x 90, betonijzer, hout, plastic golfplaat, ijzerwaar (op een dat voorjaar omgewaaide boom)

Grot van de Cycloop (‘Odysseus’), 1997

‘De grot van de Cycloop’, 1997

De mannen leggen aan op het eiland van de Cycloop, de eenogige reus. Ze doen zich in zijn afwezigheid tegoed aan de in zijn grot rijkelijk aanwezige levensmiddelen. Tegen de avond brengt de Cycloop zijn schapen naar de grot en dan vindt hij Odysseus en zijn bemanning.. Na een paar bange dagen en een sluwe list van Odysseus weten de mannen te ontsnappen.

gelakt ijzerbuis, gelakt ijzerplaat, witte lak, multiplex, zink

ongeveer 80 x 80 x 100 cm

Dodona, 2001

‘Dodona’, 2001
± 100 x 100 x 200,
betonijzer, plastic buis, piepschuim en gips

‘Het oudste Orakel. Een zwarte duif uit Thebe streek neer in een eikenboom in Dodona, die zij tot orakel van Zeus verklaarde. In Dodona luisteren priesteressen van Zeus naar het gekoer van duiven of het ruisen der eikenbladeren of naar het rammelen van koperen vaten die aan de takken hangen’.

Icarus II, 2003

‘Icarus III’,  2003

± 400 x 100 x 40, betonijzer, piepschuim en krantenpapier

Zoon van Deadalus, tijdens de vlucht uit Kreta op zelfgemaakte vleugels stort hij in zee.
‘… toen Icarus plezier kreeg in het waagstuk van hun vliegreis, niet meer zijn gids bleef volgen, maar gelokt door verre vlucht hoger ging vliegen. De nabijheid van het snelle zonlicht maakte de vleugellijm – geurrijke bijenwas – al zacht, méér nog: ze was gesmolten…. Vleugelloze armen sloeg hij in ’t rond, maar bij gebrek aan wieken ving hij nergens wind, totdat zijn mond, hulp roepend naar zijn vader, werd omsloten door ’t hemelsblauwe zeevlak dat zijn naam aan hem ontleent. De vader- niet meer vader- riep naar Icarus, diepdroevig, ‘Icarus!’ riep hij luid, ‘waar ben je dan? Waar vind ik je?’ en steeds weer ‘Icarus!’, zag toen de vleugels op de golven en heeft zijn kunst voorgoed verwenst. Het lichaam is door hem begraven op de kust die heet naar wie daar ligt begraven.’

Eilandvis (‘Brandaan’), 2005

‘Een eiland blijkt een vis te zijn’, 2005,

± 200 x 100 x 140 cm, piepschuim

Na aangemeerd te zijn op een eiland willen de monniken een vuurtje stoken om eten te maken. Plotseling verdwijnt het eiland, dat een vis blijkt te zijn, onder water. De mannen kunnen zich ternauwernood in veiligheid brengen. Dit stond zo beschreven in het Boek dat Brandaan in het vuur gegooid heeft.

Phoenix I, 1997

‘Phoenix’ I, 1997

± 200 x 100 x 150, kartonnen kokers, karton, lakverf, ijzerdraad en papier

Vogel die zichzelf verwekt en baart. Leeft 5 eeuwen, sterft in zijn nest, waarna een kleine Phoenix, die weer even lang mag leven, uit de vaderas verrijst.

Scylla, 1998

Scylla, 1998

multiplex, hout, zink, latexverf, ongeveer 80 x 80 x 175 cm

foto Tuin- en Kunsttiendaagse prov. Groningen 2012, locatie Westerlee

‘ En dan komt Scylla: tot haar middel afgedaald in ’t water ziet ze haar buik en heupen zwartomkronkeld door een soort blaffende monsters!  Eerst nog denkend dat die van haar lichaam te scheiden zijn, tracht zij ze vluchtend van zich af te slaan, bang voor die drieste hondekoppen, maar al vluchtend sleept zij ze mee; tastend naar waar haar dijen, benen, voeten zijn voelt zij in plaats daarvan hun koppen, dolle Cerberussen vormen haar onderlichaam, dierenlijven kronkelen tot buik en heupen die mismaakt daaruit naar boven steken.’